Jonge atleten
(lopen tusen 12 en 18 jaar)

bron : Runners world

Bij alle grote wedstrijden ligt de gemiddelde leeftijd van de deelnemers boven de 30 jaar. Velen van hen hebben kinderen die in hun voetsporen willen treden. Vaak zeggen hun ouders dan : 'Loop maar met mij mee'. In dit artikel vindt u de aanzet tot een gestructureerde en verantwoorde training voor de jonge afstandsloper.

Ondanks enkele basisovereenkomsten met de training van volwassenen, moet bij de voorbereiding van jonge afstandslopers toch rekening gehouden worden met een aantal specifieke factoren. De meest belangrijke zijn :

De specifieke leeftijdskenmerken bij de training van het uithoudingsvermogen hebben betrekking op zowel het aėrobe als ook het anaėrobe vermogen en/of de capaciteit. Wat de zuurstofopname betreft zijn er alleen verschillen in de absolute waarde tussen volwassenen en jonge atleten. Er is echter geen verschil in de zuurstofopname per kilogram lichaamsgewicht. Theoretisch hebben kinderen hetzelfde uithoudingsvermogen als volwassenen. In de praktijk is dit niet waar. De reden is dat kinderen een hogere hartfrequentie hebben. De hoge hartfrequentie verlaagt het slagvolume en dit zorgt voor een verlenging van de hersteltijd na het leveren van een inspanning.
Desondanks is er geen reden om de ontwikkeling van de functionele capaciteiten die nodig zijn voor de ontwikkeling tot goede afstandslopers, bij kinderen te beperken. Er is alleen gevaar voor overbelasting. Dit kan leiden tot verstoringen in het centrale zenuwstelsel.
Tijdens de groeispurt, die optreedt tijdens de puberteit, moet de hersteltijd na training daarom langer zijn. Het anaėrobe aandeel van de training (boven de melkzuurdrempel) is bij jonge atleten geringer in vergelijking met het aėrobe deel. De anaėrobe capaciteit blijkt door hormonale factoren -in het bijzonder een nog lage testosteronspiegel- een geringere vooruitgang mogelijk te maken dan bij volwassenen. Maar vooral in het begin van de puberteit ondergaat de groei van de anaėrobe capaciteit, door de grotere testosterontoename, een extra versnelling.

De beste tijdstippen voor het starten van de verschillende soorten trainingen voor verbetering van het uithoudingsvermogen zijn :

Tegelijkertijd is het belangrijk dat de ontwikkeling van de andere motorische basiseigenschappen in de juiste verhouding plaatsvindt. Lange- en middenafstandslopers zijn hierop geen uitzondering. Het specifiek uithoudingsvermogen kan alleen optimaal worden ontwikkeld via een goede afstemming van alle motorische vaardigheden. Jonge afstandlopers mogen daarom nooit de ontwikkeling van snelheid, kracht, beweeglijkheid en coordinatie vergeten.
Een juiste trainingsovergang van jeugd naar senioren moet plaatsvinden door middel van een golvende verhoging van de trainingsbelasting. Tevens moet er een geleidelijke vereniging zijn van de meest efficiente trainingsmiddelen. Tijdens het trainingsjaar moeten verschillende accentperioden ingelast worden.
Zoals bij het starten van een trainingsjaar een accent op ontwikkeling van algemeen uithoudingsvermogen, samen met ontwikkeling van algemene kracht. Later in het jaar volgt het vasthouden van het algemeen uithoudingsvermogen en daarna accent op ontwikkeling van snelheid.
Dit golvend model is nodig om de verschillende fysiologische systemen in hun meest geschikte perioden te ontwikkelen. Het houdt tevens in dat in de minst geschikte perioden de desbetreffende trainingsbelasting wordt verminderd. Voorbeeld : tijdens de groeispurt de belasting wel verminderen maar toch trainingsprikkels blijven geven.
Het langeafstandslopen is niet mogelijk zonder een goed ontwikkeld zuurstoftransportsysteem. Daarom moeten met name in de niet-specifieke trainingsfase, naast de duurlopen, andere aktiviteiten worden beoefend, zoals wielrennen, schaatsen en zwemmen.
Vooral in die trainingsfase moet een groot aantal verschillende trainingsmiddelen gebruikt worden om het aėrobe vermogen te ontwikkelen. Dit werkt met name blessurepreventief en verder wordt de jonge atleet niet afgestompt door het vele lopen. Let vooral op het speelse karakter.

Aandachtspunten :

Samenvatting :


Verschillende trainingsfasen :
De training van jonge afstandslopers kan worden verdeeld in 3 fasen :

Voorbereidende fase (12 - 14 jaar) :


Eerste specifieke fase (15 - 16 jaar) :

  • Basistaken :
    • Allround ontwikkeling van alle motorische eigenschappen
    • verbeteren van de looptechniek
    • ontwikkeling van snelheid
    • ontwikkeling van specifiek uithoudingsvermogen
    • ontwikkeling van kracht

  • Basistrainingsmiddelen :
    • Rustige duurlopen
    • Lopen met wisselende snelheden
    • sprintoefeningen
    • sporttakken die een relatie hebben met uithoudingsvermogen

  • Trainingsbelasting :
    • week : 50-60 km
    • maand : 200-225 km
    • jaar : 2200 km
    Specifiek uithoudingsvermogen : 220 km per jaar


Hoofdspecifieke fase (17-18 jaar) :

  • Basistaken :
    • Ontwikkeling specifiek uithoudingsvermogen
    • ontwikkeling algemeen uithoudingsvermogen
    • ontwikkeling snelheid

  • Basistrainingsmiddelen :
    • Rustige duurlopen
    • lopen met wisselende snelheden
    • Sprintoefeningen

    <

  • Trainingsbelasting :
    • week : 90-100 km
    • maand : 360-400 km
    • jaar : 3500 km
    Specifiek uithoudingsvermogen : 310 km per jaar

  

estartit@skynet.be